Burgerschap ‘doen’ bij Daryo Stamato

31 mei 2021
Arc

Door Heidy Bouwer

V4 heeft maatschappijleer bij Daryo Stamato, het is de laatste dag van maart en het hybride lesgeven is nog niet zo lang aan de gang. Ademloos kijk ik toe hoe Daryo, schijnbaar moeiteloos jonglerend met zijn chromebook op de arm en een powerpoint op het bord én op het computerscherm zowel de live aanwezigen als de thuisgroep een warm welkom weet te geven. Wie had een jaar geleden ook maar het vermoeden kunnen hebben hoeveel nieuwe skills docenten zich in zo’n korte tijd eigen zouden moeten maken om hun leerlingen te kunnen blijven onderwijzen en ondersteunen. Dat is geen steile leercurve meer, dat is een beklimming ‘hors categorie’, om in wielertermen te spreken. 

Er zit een toets aan te komen, dus de les staat in het teken van het vermaarde activeren van voorkennis, er is ruimte voor een groepsgesprek en voor zelfstudie. De leerlingen houden zich samen met Daryo bezig met burgerschap in de pluriforme samenleving. Wat moet je kunnen, weten, respecteren of doen om je een ‘goede Nederlandse burger’ te kunnen noemen? Van wie is het het land eigenlijk? Wat zijn de verschillen en overeenkomsten tussen een dominante, een sub- en tegencultuur?

Daryo leidt met fluwelen hand, de nagels uitbundig gelakt, een uiterst levendig en toch respectvol gesprek, waarin hij tot mijn niet geringe bewondering zowel de aanwezige als de thuiszittende leerlingen weet te betrekken.  De leerlingen zijn actief  en nieuwsgierig en blijven deelnemen ook als de tijd voor zelfstudie al is aangebroken.

Waar Daryo op gestemd heeft? willen ze weten. En wat hij vindt van wat er op het Gomarus is gebeurd met die leerlingen die gedwongen werden uit de kast te komen? En wat nou als een vriend van hem stemt op een partij die hij echt ‘heel erg’ vindt? 

Geduldig en genuanceerd geeft hij antwoord, vraagt door en koppelt intussen bijna ongemerkt de dagelijkse dingen in de discussie aan de leerstof.

“Echt een heel interessant vak”, vindt Sanne uit V4, “Het heeft betrekking op de huidige samenleving en aansluiting voor later, voor je volwassen leven!”

Anne beaamt: “Het gaat natuurlijk ook over de stof, maar dan toegepast op het leven.”

Wat maakt het zo’n fijn vak, en wat maakt meneer Stamato zo’n goede leraar, wil ik van ze weten. 

“De discussies in de klas, iedereen doet mee en durft zijn mening te geven. En meneer Stamato probeert je alle perspectieven te laten zien!”

“Je kan kiezen uit opdrachten, en je wordt vrij gelaten. Dat motiveert echt veel meer dan wanneer alles precies volgens de regels van de docent moet gebeuren”.

“En”, zegt Anne, “meneer Stamato zorgt ervoor dat iedereen het begrijpt, en hij past de stof zo mooi toe in allerlei verhalen!”

Sanne vult aan:”Bij hem mag je zijn wie je bent, je mag je veilig voelen. Totaal jezelf zijn en tóch leren!”

Want, daar zijn de dames het wel over eens,  een docent die leuk is maar er niks van bakt, daar schiet je ook niets mee op.

Maatschappijleer wordt dit schooljaar geheel in projecttijd gegeven en dat is voor Daryo en zijn collega’s nog best wat passen en meten. Want hoewel het vak zich zeker goed leent voor een projectmatige aanpak en al heel projectmatig werd gegeven is er toch naast het aanleren van vaardigheden ook een stevige kenniscomponent. “Het kan lastig zijn de balans te vinden tussen ‘geheel zelf laten ontdekken’ (dmv projecten die leerlingen leuk vinden) en uitleggen aan leerlingen, klassikaal bespreken. Leerlingen vragen soms ook gewoon om een theorielesje” licht Daryo toe. “Het geheel is meer dan de som der delen”.

Leerlingen moeten leren en begrijpen wat het betekent dat we in een rechtsstaat leven, en dat democratie niet betekent dat de meerderheid het zomaar voor het zeggen heeft, maar dat het er juist om gaat dat iedereen gehoord en gezien wordt. En leerlingen moeten dus eveneens een beeld krijgen van hoe het leven er uit ziet als je niet in een democratie leeft. Ze mogen van hem alles vinden en hun eigen mening vormen, maar zonder kennis van zaken wordt het onderbuik versus onderbuik. “Dan krijg je”, lacht hij, “uitspraken als ‘We leven in een dictatuur, stem ze weg!’”

Maatschappijleer is een schoolexamenvak, de theorie wordt ‘gewoon’ getoetst en daarnaast zijn er praktische opdrachten en handelingsdelen waarbij leerlingen dilemma’s uit de theorie uitdiepen en doorleven, en de kans hebben om op hun eigen manier hun mening te vormen en betekenis te geven. Daarin hebben ze ruime keus in onderwerp, bronnenmateriaal en uitwerking. Dat kan bijvoorbeeld met het schrijven van een recensie of essay of een presentatie. 

Mooi aan zijn vak vindt hij dat je zo’n grote impact kan hebben, soms op heel onverwachte momenten. Dat je kinderen kunt laten zien hoeveel invloed we op elkaar hebben en hoeveel we van elkaar kunnen leren. En dat ieder kind er mag zijn.

De eerder genoemde nagellak is in die zin toch ook een beetje een boodschap. “Je bent als leraar een rolmodel, en ik wil laten zien dat ook al zijn er mensen die vinden dat zoiets voor jou niet kan, dat jij dat helemaal zelf mag bepalen!” En laten we wel wezen, het staat ook nog gewoon leuk, en de tijd dat leraren gehuld waren in degelijke, vormloze pullovers in de kleuren beige en reptielenpoep ligt gelukkig ver, ver achter ons. Het is zelfs maar de vraag of die mythische tijd er ooit  geweest is, want laten we wel wezen, leraren zijn gewoon heel leuke, kleurrijke en idealistische mensen! 

(Dat is) het Kantiaanse ideaal: de mensen in staat stellen om toegang te hebben tot ‘de meerderheid’. Alle mensen, zonder uitzondering!

In dit kader heeft het onderwijs tot doel mensen met elkaar te verbinden via hun scheppingen -uit het verleden en heden- waarmee zij die in de wereld komen hun menselijkheid kunnen ontdekken en de moed kunnen vinden om de wereld voort te zetten.

UIt: Philippe Meirieu- Pedagogiek, de plicht om weerstand te bieden